blog

spreeksnelheid / woorden per seconde

Het gemiddelde spreektempo van een voice-over zit op ongeveer twee woorden per seconde. Dus 120 woorden per minuut. Als een tekst voornamelijk korte woorden bevat, komt het op zo’n 150 woorden per minuut.


Hieronder staan een aantal verschillende opnames van de volgende tekst:


“Een instrument waar je misschien nog nooit van hebt gehoord, is het clavichord. Het is dan ook een instrument van honderden jaren geleden. Het is een soort broertje van het clavecimbel. Beide zijn snaarinstrumenten die met toetsen worden bespeeld. Het verschil is dat bij een clavecimbel een haakje aan de snaren plukt en dat bij een clavichord een metalen pennetje ('tangent' genaamd) tegen de snaren wordt aangeslagen.”


In totaal 67 woorden die niet extreem lang zijn, maar ook niet echt heel kort.


De volgende opname beschouw ik als normaal-vlot spreektempo:

normaal-vlot • 25 sec.

Deze opname duurt net iets langer dan 25 seconden. Alle ademhalingen zijn intact gelaten, in de oorspronkelijke lengte. Het spreektempo ligt hier op 2,6 woorden per seconde, oftewel 159 woorden per minuut. 


Wat langzamer gesproken, en zonder ademhalingen weg te halen, komt het geheel op 28 seconden.  Dat is 2,4 woorden per seconde (144 woorden per minuut).

normaal tempo • 28 sec.

Het is mogelijk nog langzamer te spreken, maar in de praktijk wordt juist vaak gevraagd om sneller te spreken. Omdat een filmpje anders te lang wordt, of omdat uitzendtijd duur is en het veel geld scheelt of een commercial 15 of 20 seconden lengte heeft.


Met wat sneller spreken en daarna alle ademhalingen wegknippen, lukt het om de tekst van 67 woorden binnen de 20 seconden te krijgen. Dit is in feite onnatuurlijk want vrijwel niemand kan zoveel woorden achter elkaar uitspreken zonder adem te halen. Toch klinkt dit ons niet vreemd in de oren. Deze techniek wordt namelijk vaak toegepast dus we zijn hier aan gewend.

vlot, adempauzes verwijderd • 20 sec.

Ineens hebben we het spreektempo weten op te voeren naar 3,35 woorden per seconde (201 woorden per minuut). Voor een korte commercial is dit acceptabel, maar voor langere teksten klinkt dit onaangenaam. Er wordt de luisteraar geen tijd meer gegund om de woorden in zich op te nemen, nu de natuurlijke adempauzes weg zijn. Het is een waterval van woorden geworden.


En als ik op mijn aller-snelst ga? Dan lukt het om de tekst in 15 seconden te krijgen. Ik adem dan zo weinig mogelijk (1 keer in het midden) en spreek zo snel als ik kan waarbij ik wel probeer de articulatie duidelijk te houden:

heel snel gesproken • 15 sec.

Okee, laat ik dat nog een keer proberen. Nóg sneller en dan die ene ademhaling wegknippen. Dan lukt het zelfs om de opname in minder dan 14 seconden te krijgen:

super snel gesproken • 13,5 sec.

Bijna twee keer zo snel als de eerste opname. Het is niet echt mooi meer, maar het verhaal is nog te volgen.  Een spreektempo van 4,8 woorden per seconde (287 woorden per minuut).


Een andere mogelijkheid om zoveel mogelijk woorden in zo weinig mogelijk tijd te krijgen is time-compression. Een digitale truc waarmee een opname kan worden versneld zonder dat de toonhoogte beïnvloed wordt. Dus geen Smurf- of Mickey Mouse-effect. Alleen maar sneller.


Laat ik de allereerste opname van 25 seconden eens via digitale techniek versnellen naar 14 seconden:

digitaal versneld • 14 sec.

Voor serieuze toepassingen raad ik dit niet aan. Ook al is het nog steeds mijn stem, door de bewerking klink ik als een computer.


Nóg een andere manier. Ik pak de opname van 20 seconden, waaruit ik alle ademhalingen had verwijderd, en versnel die met time-compression tot 15 seconden. Dat klinkt zo:

zonder adem, digitaal versneld • 15 sec.

Hoewel dit onrealistisch en kunstmatig klinkt, is de articulatie toch net wat beter dan de versie van 15 seconden die ik naturel (snel) heb ingesproken.

Het blijft zo dat een zo hoog spreektempo het best voorkomen kan worden. Maar als het écht per se nodig is om zoveel mogelijk woorden in zo weinig mogelijk seconden te krijgen, dan zijn er dus verschillende manieren om dat voor elkaar te krijgen.

En zoals je hebt kunnen horen, kán ik best snel spreken als het moet.



Twee woorden per seconde

Waar moet je nou van uitgaan als je een tekst schrijft? Hoeveel gesproken woorden gaan er gemiddeld in een minuut? Hierboven heb ik laten zien dat het praktisch mogelijk is om 287 gesproken woorden in een minuut te stouwen. En zelfs die opname zou nog verder ge-time-compresst kunnen worden zodat we 300 woorden in een minuut krijgen. Maar met communicatie heeft zo’n opname dan weinig meer te maken.

Het vak van voice-overen houdt nou juist in dat een tekst mooi, duidelijk en met overtuiging wordt gebracht. En dat kost tijd. In de dagelijkse omgang spreek ik meestal sneller dan als ik als voice-over achter de microfoon zit.

Dat is ook de reden waarom een tekst die door de tekschrijver zelf is getimed (“ik krijg hem binnen dertig seconden”) door de voice-over niet makkelijk in dat tempo gedaan kan worden. Een voice-over kan best zo snel spreken als een niet-voice-over (zoals een tekstschrijver), maar dan klinkt hij dus ook als een niet-voice-over.


Mijn advies blijft om uit te gaan van twee woorden per seconde. Dus 120 woorden per minuut. In ruimere zin kun je uitgaan van: tussen de 120 en 150 woorden per minuut.


Besef dat pauzes in een gesproken tekst een functie hebben. En dat het soms mooi is om extra lange pauzes in te voegen. En die op te vullen met muziek bijvoorbeeld. Er is van alles mogelijk. 


Bedenk ook dat dit door de tekstverwerkers Word en Pages wordt geteld als één woord: “€498,77”.

Maar voluit uitgeschreven, dus ook voluit uitgesproken, staat daar: “vier honderd acht en negentig euro en zeven en zeventig cent.”

Wat 1 woord lijkt op papier, blijken in gesproken versie 11 woorden te zijn.


Ik kán heel snel spreken als het moet, maar snelheid gaat bijna altijd ten koste van schoonheid en overtuigingskracht. De juiste balans ligt wat mij betreft bij de allereerste opname hierboven (van 25 seconden).

ZOVEEL MOGELIJK WOORDEN IN EEN SECONDE…

…OF RUIMTE EN OPENHEID?

copyright: willem van den top • 2005